Karl Kautsky
De dictatuur van het proletariaat


10. De nieuwe theorie

Wij hebben gezien dat de methode van de dictatuur noch van algemeen theoretisch standpunt, noch van het bijzondere der Russische verhoudingen, voor het proletariaat goede resultaten belooft. Niettemin wordt zij juist door deze verhoudingen begrijpelijk.

De strijd tegen het tsarisme was sinds lang een strijd tegen een regeringssysteem, dat geen steun meer vond in de verhoudingen, dat nog slechts door naakt geweld stand hield en door geweld te vernietigen viel. Dat kon gemakkelijk tot een eredienst van het geweld leiden, ook bij de revolutionairen. Tot een overschatting bovendien van wat de boven hen verheven macht, welke niet gedragen werd door de economische verhoudingen, maar welke het resultaat was van bijzondere omstandigheden, vermocht tot stand brengen. Daarbij kwam dat de strijd tegen het tsarisme in het geheim moest worden gevoerd. De samenzwering echter bevordert de zeden en gewoonten van de dictatuur, niet die van de democratie.

Deze factoren vinden echter in een ander gevolg van de strijd tegen het absolutisme hun tegendendens. Wij hebben er al op gewezen dat die strijd, geheel anders dan de democratie, met haar overvloed van kleinwerk de belangstelling voor de grote samenhang en grote doelen wekt, de theoretische belangstelling doet ontwaken. Er bestaat thans echter een revolutionaire theorie van de maatschappij, die van Karl Marx.

Zij werd de theorie van het Russische socialisme. Nu leert juist zij echter de begrensdheid van ons willen en kunnen door de materiële verhoudingen en de onmacht, ook van de sterkste wil, zich boven die verhoudingen te verheffen. Dat ondermijnde de eredienst van het blote geweld sterk en bracht mee dat de sociaaldemocraten het hierin eens waren, dat aan hun handelen in de komende revolutie bepaalde grenzen gesteld waren en deze bij de economische achterlijkheid van Rusland, voorlopig een burgerlijke kon zijn.

Toen kwam de tweede revolutie en bracht de socialisten plotseling een macht, die hen zelf verraste, want deze revolutie voerde tot een volledige ontbinding van het leger, de steunpilaar van eigendom en burgerlijke orde. En met de geweldsmiddelen vielen tegelijk ook de morele steunpilaren van deze orde geheel weg. Noch de kerk noch de intellectuelen konden haar aanzien ophouden. De heerschappij kwam in handen van de laagste klassen in de staat, de arbeiders en de boeren. De boeren vormen echter geen klasse die in staat is zelf te regeren, zij lieten zich gewillig leiden door een proletarische partij die hen onmiddellijk vrede, tot welke prijs ook, en onmiddellijke bevrediging van hun landhonger beloofde. De massa der proletariërs stroomde naar dezelfde partij, daar zij hen met de vrede ook brood beloofde.

Zo kreeg de partij van de bolsjewieken de kracht de politieke macht tot zich te trekken. Was daarmee niet eindelijk de voorwaarde bereikt die Marx en Engels voor de komst van het socialisme geëist hadden, de verovering van de politieke macht door het proletariaat? Weliswaar sprak de economische theorie er tegen, dat de socialistische productie onder de Russische sociale verhoudingen terstond bereikbaar zou zijn, en niet minder het feit waardoor deze theoretische opvatting bevestigd werd, namelijk dat het nieuwe bewind niet enkel een alleenheerschappij van het proletariaat betekende, maar de heerschappij van een coalitie van proletarische en burgerlijke elementen, welke staande kon blijven doordat het ene deel het andere op eigen gebied vrij liet begaan. De proletariërs legden de boeren op het land, en de boeren de proletariërs in de fabrieken, niets in de weg.

Niettemin, een socialistische partij was heersend geworden in een grote staat — voor de eerste maal in de wereldgeschiedenis.

Zeer zeker een buitengewone, voor het strijdende proletariaat glorierijke gebeurtenis.

Waartoe echter kan een partij haar macht benutten dan voor het socialisme? Zij moest terstond met de vervulling van deze taak een aanvang maken, en zonder voorbehoud of bedenkingen alle hinderpalen opruimen die zij op haar weg ontmoette. Wanneer de democratie daarbij in conflict kwam met het nieuwe regime, dat ondanks de grote populariteit dat het spoedig gewonnen had, niet over de meerderheid van stemmen in het rijk beschikte, dan was dit des te erger voor de democratie. Dan moest zij vervangen worden door dictatuur. Wat gemakkelijk was, daar de volksvrijheid in Rusland nog van zeer jonge datum was en nog geen wortel had geschoten bij de volksmassa’s. De taak van de dictatuur bestond nu in het doorvoeren van socialisme. Dit praktijkvoorbeeld moest niet alleen de weerstrevende elementen in eigen land meeslepen, maar ook de proletariërs van andere kapitalistische landen tot navolging aanzetten en tot revolutie ontvlammen.

Dat was ongetwijfeld een gedachtegang van grandioze stoutheid en verlokkende bekoorlijkheid voor iedere proletariër, voor iedere socialist. Waarvoor wij een halve eeuw gestreden hadden, wat wij al zo dikwijls nabij hadden gewaand, wat steeds weer verdwenen was, eindelijk zou het bereikt zijn. Geen wonder dat de proletariërs van alle landen het bolsjewisme toejuichten. Het feit van de proletarische heerschappij woog zwaarder dan theoretische overwegingen. En het algemene gevoel van overwinning werd nog versterkt door de wederzijdse onwetendheid over de verhoudingen bij elkaar. Slechts weinigen is het gegeven vreemde landen te bestuderen. De meeste nemen aan dat het in het buitenland feitelijk net zo gaat als bij ons — en waar men dat niet aanneemt maakt men zich eerst recht fantastische voorstellingen van het buitenland.

Vandaar de eenvoudige opvatting dat overal hetzelfde imperialisme heerst, vandaar ook de verwachting van de Russische socialisten dat voor de volkeren van West-Europa de politieke revolutie even nabij was als voor het Russische volk, en anderzijds de verwachting dat de elementen voor het socialisme in Rusland in dezelfde mate aanwezig waren als in West-Europa.

Wat zich toen voltrok, nadat eenmaal het leger opgelost en de Constituante verjaagd was, vormde slechts de consequentie van de eenmaal ingeslagen richting.

Dat is allemaal zeer begrijpelijk, hoewel niet verblijdend. Minder begrijpelijk is het echter dat onze bolsjewistische kameraden het er niet bij lieten hun optreden uit de eigenaardige positie van Rusland te verklaren en het met de drang van de bijzondere verhoudingen te rechtvaardigen, die hen naar hun zienswijze, geen andere keus gelaten had dan de dictatuur of verlies van de macht. Zij gingen er echter toe over, ter bekrachtiging van hun optreden, een geheel nieuwe theorie in elkaar te timmeren, die volgens hun algemene geldigheid bezit.

Wij verklaren dit uit een van hun eigenschappen, die ons zeer sympathiek is, hun grote theoretische belangstelling.

De bolsjewieken zijn marxisten, die de voor hen bereikbare groepen proletariërs met geestdrift voor het marxisme vervullen. Hun dictatuur was echter in strijd met de theorie van Marx, dat geen volk noodzakelijke ontwikkelingsperioden uit zijn geschiedenis kan overslaan of weg decreteren. Hoe kwam men nu daartegenover aan een marxistische rechtvaardiging?

Men herinnerde zich gepast de uitdrukking: dictatuur van het proletariaat, dat Marx eens in 1875 in een brief had gebruikt. Wel had hij daarmee slechts een politieke toestand willen tekenen, en niet een regeringsvorm, doch thans werd het woord dadelijk voor dit doel gebruikt en wel juist van die regeringsvorm welke door de heerschappij van de sovjets tot stand gekomen was.

Nu had Marx niet gezegd dat het onder bepaalde omstandigheden tot een dictatuur van het proletariaat zou kunnen komen, maar dat deze toestand onvermijdelijk zou zijn als overgang tot het socialisme. Weliswaar had hij bijna gelijktijdig verklaard dat in landen zoals Engeland en Amerika, een vreedzame overgang tot het socialisme mogelijk zou zijn. Wat toch slechts op de grondslag van democratie, niet op die van de dictatuur zou kunnen plaats vinden. Hij had daarmee dus zelf te kennen gegeven dat hij met de dictatuur geen opheffing van democratie bedoelde. De verdedigers van de dictatuur lieten zich daardoor niet uit het veld slaan. Daar Marx eens verklaard had dat de dictatuur van het proletariaat onvermijdelijk is, verkondigen zij de mening dat de sovjetregering het wetteloos maken van de tegenstanders van de sovjets, door Marx zelf erkend was als de regeringsvorm die overeen kwam niet het wezen van het proletariaat en met zijn heerschappij onverbrekelijk verbonden was. Als zodanig moet zij even lang duren als de heerschappij van het proletariaat zelf, zolang tot het socialisme algemeen doorgevoerd is en daarmee alle klassenverschillen verdwenen zijn. De dictatuur is volgens die opvatting niet een voorbijgaande toestand die, zodra rustige tijden ingetreden zijn, weer plaats moet maken voor democratie maar een toestand van langere duur waarop wij ons moeten voorbereiden.

In overeenstemming daarmee verklaren de 9e en 10e stellingen over de sociale revolutie:

9. Tot nu toe leerde men de noodzakelijkheid van de proletarische dictatuur, zonder de vorm van deze dictatuur onderzocht te hebben. De Russische socialistische revolutie heeft deze vorm ontdekt. Het is de vorm van de sovjetrepubliek, als vorm van de blijvende dictatuur van het proletariaat en (in Rusland) van het arme deel van de boerenbevolking. Daarbij is het van belang het volgende op te merken: hier is sprake niet van een voorbijgaand verschijnsel in de enge zin van het woord, maar van een staatsvorm gedurende een gans historisch tijdvak. Het gaat er hier juist om een nieuwe staatsvorm te organiseren. Wat niet verward mag worden met enige bepaalde maatregelen tegen de bourgeoisie: de maatregelen zijn slechts functies van de bijzondere staatsorganisatie, die berekend moet zijn voor haar geweldige taak en reusachtige strijd.

10. De betekenis van de proletarische dictatuur ligt dus als het ware in de permanente oorlogstoestand tegen de bourgeoisie. Het is dus zeer duidelijk, dat allen die over gewelddaden van de communisten schreeuwen, volkomen vergeten wat dictatuur eigenlijk zeggen wil. De revolutie zelf is een daad van het ruwe geweId. Het woord dictatuur betekent in alle talen niet anders dan heerschappij van het geweld. Daarmee is de historische rechtvaardiging van het revolutionaire geweld gegeven. Het is ook zeer duidelijk dat hoe moeilijker de positie van de revolutie is, hoe scherper de dictatuur moet zijn.

Daarmee wordt echter ook gezegd, dat de regeringsvorm van de dictatuur niet slechts duurzaam moet zijn, maar ook in alle landen dient tot stand te komen. Wanneer in Rusland thans de sinds zo kort verworven algemene vrijheid weer terzijde gesteld wordt, dan zou dat na de overwinning van het proletariaat ook in die landen moeten plaats vinden waarin de volksvrijheid al diep geworteld is, waar zij sinds een eeuw en langer bestaat, waar het volk haar in herhaalde bloedige revoluties verkregen en in stand gehouden heeft. Dat beweert in alle ernst de nieuwe theorie. En nog merkwaardiger, zij vindt weerklank. Niet alleen onder de arbeiders van Rusland, die zich nog de verdrukking van het oude tsarisme herinneren en zich nu verheugen de rollen te kunnen omkeren, evenals leerlingen die, wanneer zij eenmaal gezellen werden zich verheugden nu van hun kant de na hen komende leerlingen het pak slaag over te dragen, dat zij zelf gekregen hadden. Neen, de nieuwe theorie vindt weerklank, zelfs in oude democratieën zoals Zwitserland. Doch er is nog iets zonderling, en minder begrijpelijk.

Een volkomen democratie is nog nergens te vinden, overal moeten wij nog naar veranderingen en verbeteringen streven. Ook in Zwitserland wordt om uitbreiding van de volkswetgeving en de vertegenwoordiging gestreden, evenals om het vrouwenkiesrecht. In Amerika is het dringend nodig de macht en de wijze van verkiezing van de hoogste rechters in te perken. Nog veel groter zijn de democratische eisen die in de grote bureaucratische en militaire staten ten gunste van de democratie door ons dienen te worden gesteld en doorgezet. En midden in deze strijd staan de radicaalste van de strijders op en roepen de tegenstanders toe: dat wat wij ter bescherming van de minderheid, van de oppositie, eisen, willen wij slechts zolang wij zelf minderheid, oppositie zijn. Zodra wij meerderheid geworden zijn, de regeringsmacht gekregen hebben, zal onze eerste daad zijn alles wat wij tot nu toe voor ons hebben opgeëist, voor u af te schaffen: het kiesrecht, de vrijheid van drukpers, van vereniging enz.

De stellingen over de socialistische revolutie zeggen wat dat betreft zonder omwegen:

17. De vroegere eis van de democratische republiek, evenals die om algemene vrijheden (d.w.z. vrijheden ook voor de bourgeoisie) was juist in het tijdvak dat achter ons ligt, in het tijdvak van voorbereiding en krachtsopbouw. De arbeider had de vrijheid van drukpers nodig voor zijn geschriften. Terwijl de burgerlijke pers voor hem een nadeel was. Niettemin kon hij in dit tijdvak de eis van de vernietiging van de burgerlijke pers niet stellen. Daarom eiste het proletariaat algemene vrijheden, zelfs de vrijheid van de reactionaire vergaderingen van de zwarte arbeidersorganisaties.

18. Thans is het tijdvak van de onmiddellijke aanval op het kapitaal, de onmiddellijke omverwerping en vernietiging van de imperialistische roofstaat, van de onmiddellijke onderdrukking van de bourgeoisie ingetreden. Het is dan ook zeer duidelijk dat in het huidige tijdvak de principiële verdediging van algemene vrijheden (d.w.z. ook voor de contrarevolutionaire bourgeoisie) niet alleen overbodig is, maar bepaald schadelijk.

19. Dat geldt ook voor de pers en de voorname organisaties van de sociaal-verraders. De laatste hebben zich als de ijverigste factoren van de contrarevolutie doen kennen: zij treden tegen de proletarische revolutie zelfs gewapend op. Zich steunende op gewezen officieren en de portemonnee van het neergeslagen financiënkapitaal, treden zij als de krachtigste bewerkers van verscheidene samenzweringen op. Zij staan als doodsvijanden tegenover de proletarische dictatuur. Daarom moeten zij in overeenstemming daarmee behandeld worden.

20. Wat echter de arbeidersklasse en de armere boeren betreft, deze bezitten de volledige vrijheid.

Bezitten zij werkelijk de volle vrijheid?

De sociaal-verraders zijn toch ook proletariërs en socialisten, maar zij maken oppositie en moeten daarom even rechteloos worden gemaakt als de burgerlijke oppositie. Zouden wij ons echter niet met alle macht daartegen moeten verzetten en een burgerlijke regering bestrijden, die hetzelfde recept tegen haar oppositie zou willen aanwenden?

Zeker zouden wij dat moeten doen. Wij zouden daarmee echter slechts een lachsucces bereiken, wanneer de burgerlijke regering kon wijzen op socialistische stemmen als bovenstaand en een daarmee overeenstemmende praktijk.

Hoe dikwijls hebben wij de liberalen verweten dat zij in de regering anders zijn dan in de oppositie, dat zij daar al hun vroegere democratische eisen prijsgeven. Nu zijn de liberalen tenminste nog zo verstandig die eisen niet ook formeel te laten vallen. Zij handelen naar de regel: zo iets doet men, maar zegt men niet.

De schrijvers van de stellingen zijn ongetwijfeld eerlijker. Of zij verstandiger zijn mag men betwijfelen. Wat echter te zeggen van de snuggerheid van Duitse sociaaldemocraten die openlijk verkondigen dat zij de democratie, waarvoor zij vandaag strijden, op de dag na de overwinning prijs zullen geven! Dat zij hun democratische grondstellingen dan in hun tegendeel veranderen, of dat zij in het geheel geen democratische grondstellingen hebben, dat de democratie voor hen alleen een ladder is om de regeringsmacht te bereiken, een ladder die zij niet meer gebruiken en wegstoten zodra zij boven zijn gekomen. Dat ze in één woord revolutionaire opportunisten zijn.

Ook van de Russische revolutionairen is het kortzichtige dagjespolitiek, wanneer zij om de macht te behouden naar de methoden van de dictatuur grijpen. Niet om de in gevaar gebrachte democratie te redden, maar om zich tegen haar te keren. Maar dat is nog te begrijpen.

Onbegrijpelijk is het echter dat Duitse sociaaldemocraten, die nog niet aan de macht zijn, en eigenlijk maar een zwakke oppositie vormen op het ogenblik, ook deze theorie aanvaarden. In plaats van in de dictatuur-methode en de rechteloosheid van brede volksmassa’s iets te zien wat wij veroordelen, en wat hooguit als product van de bijzondere verhoudingen in Rusland te begrijpen is, gaan zij er integendeel toe over deze methode te prijzen als een toestand, waarnaar ook de Duitse sociaaldemocratie moet streven.

Hun bewering is niet alleen door en vals, zij is ook in hoge mate verderfelijk. Zij zou wanneer algemeen aanvaard, de propagandistische kracht van onze partij volkomen lam slaan. Want buiten een kleine groep fanatieke sektariërs, is het Duitse proletariaat, evenmin als het internationale, genegen de principes van de democratie te verlaten. Het zal met verontwaardiging elke poging afwijzen zijn heerschappij te beginnen met de vorming van nieuwe klassen van bevoorrechten en van verdrukten. Het zal iedere gedachte afwijzen, bij zijn verlangen naar algemeen recht voor het gehele volk, een geestelijk voorbehoud te maken en in werkelijkheid slechts voorrechten voor zichzelf na te streven. En niet minder zal het de komische eis afwijzen, thans al zelf plechtig te verklaren, dat zijn eis voor democratie een blote leugen is.

De dictatuur als regeringsvorm is in Rusland even begrijpelijk als vroeger het bakoeninistisch anarchisme. Maar begrijpen wil nog niet zeggen aanvaarden. Wij moeten het ene stelsel even beslist afwijzen als het andere. De dictatuur blijkt niet het middel te zijn voor een socialistische partij om tegenover de meerderheid van het volk tot heerschappij te komen en deze te handhaven. Maar een middel dat haar dwingt tot daden boven haar kracht, waardoor zij maar al te licht het socialisme zelf compromitteert, zijn vooruitgang niet bevordert, maar belemmert.

Gelukkig behoeft een mislukken van de dictatuur nog niet hetzelfde te betekenen als een ineenstorting van de revolutie. Dit ware alleen dan het geval wanneer de bolsjewistische dictatuur slechts de inleiding vormde tot een burgerlijke dictatuur. De wezenlijke resultaten van de revolutie worden gered wanneer het op het juiste ogenblik lukt dictatuur te vervangen door democratie.