Geschreven: een datum of jaar
Bron: De Nieuwe Tijd, 26e jaargang, 1921 - Via: kb.nl
Vertaling:
Deze versie: spelling
Transcriptie/HTML en contact: Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive
– Creative Commons License 3.0.
Algemeen: u mag het werk kopiëren, verspreiden en doorgeven; remixen en/of afgeleide werken maken; mits naamsvermelding.
| Hoe te citeren?
Laatst bijgewerkt:
| Verwant: • De inwendige en uitwendige toestand van Sovjet-Rusland • Problemen van het Sovjetregime • Het ontstaan van de heersende ideologie in de Sovjet-Unie. Een inleiding |
De burgerlijke pers spreekt over de mislukking van het communisme in Rusland. Het is dezelfde grondfout in het denken, die steeds de beschouwingen over socialisme van burgerlijke zijde tot een onoverkomelijk misverstand maakte: alsof een nieuwe maatschappijvorm een bedenksel is, een beter plan, dat ingevoerd kan worden en geprobeerd. Het is het onvermogen, de maatschappelijke ontwikkeling als een noodzakelijk groeiproces te zien. De burgerlijke schrijvers doorzien niet dat de Russische revolutie de eerste moeilijke episode is van een reeks van geweldige revoluties van politieke en economische vormen, die in het wereldcommunisme uitlopen. Het communisme kan niet ingevoerd worden en niet mislukken, want het is de einduitkomst van een gehele periode van strijd, van diep ingrijpende omvormingen en maatregelen – en als zodanig zo zeker, als het zeker is, dat de mensheid de natuur op doelbewuste wijze zal leren te bewerken en te beheersen voor haar doel: het leven.
De afzonderlijke maatregelen kunnen ingevoerd worden – soms ook wel mislukken en gewijzigd worden, als de omstandigheden tegen hen zijn. En zulke maatregelen mogen de naam communistisch dragen, als zij naar dit doel heenleiden, door de geest van de komende orde bezield worden, als zij het belang, de kracht, de heerschappij van de arbeidende klassen tot enig richtsnoer nemen en de uitbuiting door het kapitaal uitroeien.
Rusland is niet communistisch, in de zin van een land met communistische productiewijze. Maar communistisch is de regeling van de verzorging en opvoeding der kinderen, is de zorg voor woning, gezondheid, geestelijke ontwikkeling der massa’s – de eerste en enigste plaats ter wereld, waar dit vanuit het standpunt der arbeiders geschiedt. Communistisch is de onteigening der fabrieken en hun beheer door de arbeidersorganisaties voor het gehele volk – want hier is de kapitalistische uitbuiting opgeheven. Communistisch is de centrale organisatie van industrie en verkeer, die hier voor het eerst als één groot totaalproces van bewuste behandeling en verwerking der natuurstof tot menselijke levensbehoeften optreedt. Communistisch is de bevrijding van de arbeiders en de boeren uit het juk van het kapitaal.
Rusland heeft de grootste en belangrijkste stap gedaan in de wereldontwikkeling: de uitbuiting door het kapitaal is er opgeheven. Daardoor is het in een strijd op leven en dood gewikkeld met het wereldkapitaal, dat zich in zijn wereldheerschappij, het imperialisme, wil handhaven. Het werd het middelpunt van de wereldstrijd van het communisme tegen het imperialisme, dat nog de gehele overige wereld beheerst, en dat met alle middelen van geweld en bedrog de nieuwe orde tracht te vernietigen. Maar het communisme, de nieuwe vrijheid, wist zo diepe stromen van geestdrift, heldenmoed en zelfopoffering te doen opspringen, zulke rijke krachten van organisatietalent te wekken uit de eertijds slaafse en deemoedige massa’s, dat het wereldimperialisme daartegen ten slotte machteloos stond. Rusland bleef overwinnaar, in zoverre het niet te vernietigen was – maar dodelijk uitgeput. Nu de wapenstilstand gesloten is – van Engelse zijde door vrees voor het revolutionair worden van Azië en hoop op de innerlijke ontbinding en uitputting van de Sovjetrepubliek ingegeven – en Rusland op adem kan komen, nu blijkt eerst hoe diep de verwoesting ingevreten heeft. Rusland bevindt zich in een crisis, zo zwaar als het nog niet doormaakte; of liever de permanente crisis, waarin het verkeerde, is steeds ernstiger en zwaarder geworden. De politieke gebeurtenissen, die in de West-Europese pers tot grote sensatieberichten werden, de opstand in Kroonstad, de demonstraties in Petersburg, de boerenonlusten hier en daar, zijn er slechts uiterlijke symptomen van. Kroonstad was leerzaam, omdat daar bleek, dat zelfs een verzet, dat uitgaat van proletarische elementen met democratische leuzen, zodra het daadwerkelijk verzet tegen de Sovjetmacht werd, onmiddellijk in de handen van de contrarevolutie, de tsaristische officieren en de agenten der Entente raakte. En de Petersburg-arbeiders – door de vermindering der broodrantsoenen in beweging gebracht, die in een te groot optimisme vroeger verhoogd waren en nu weer ingekrompen moesten worden – trokken er spoedig de les uit, dat de strijd tegen de honger enkel met de communistische regering samen gevoerd kan worden.
De crisis is in de eerste plaats een economische. Op de uitputting door drie jaren wereldoorlog volgden drie jaren verdedigingsoorlog tegen het imperialisme, die veel erger waren, omdat ze door de blokkade, Rusland afsnoerden van handelsverkeer met de overige wereld en een burgeroorlog alle hulpbronnen van het land verwoestte. Koren kan er genoeg groeien; maar de spoorwegen, de locomotieven, die het moeten vervoeren, zijn opgebruikt, en slechts met uiterste inspanning kon het verder dalen van het bruikbare percentage gestuit worden. De ondervoeding van de arbeiders vermindert weer de intensiteit van hun werkkracht. De ijzerbekkens aan de Donetz en in de Oeral zijn door Koltsjak en Denikin vernield en zijn slechts langzaam weer in orde te brengen – en hieruit moet de grondstof voor alle industrie komen. Kolen ontbreken om dezelfde reden; turf en hout moeten hun plaats innemen en dwingen tot terugkeer tot primitieve en onproductieve vormen van arbeid. De industrie moest al deze jaren voor de oorlogsbehoeften werken – voor de gebiedende noodzaak van de verdediging moest alles wijken – en de bekwaamste en beste arbeiders, als officieren in het leger geplaatst, werden massaal opgebruikt. Het dringend gebrek aan landbouwwerktuigen (zijn behoefte aan zeisen en ploegen heeft Rusland steeds in hoofdzaak door invoer van buiten moeten dekken) werd tot een ramp voor de landbouw, die weer de productie van koren belemmerde, dus de honger bestendigde en de boeren hier en daar in verzet bracht.
Over het geheel is natuurlijk de toestand op het land beter dan in de steden, door de primitieve productievormen van de landbouw, en oneindig veel beter dan vroeger: aan de boeren, de massa van het Russische volk, heeft de revolutie vrijheid en welvaart gebracht, als zij vroeger nooit kenden. Maar dit brengt nu nieuwe moeilijkheden en problemen: in hoeverre de ontwikkeling haar weg zal nemen in de richting naar de kleinburgerlijke productie in plaats van naar het communisme. Dit is het vooral, wat de oppositie in de Russische communistische partij bezig houdt. Twee elementen van gevaar ziet zij: enerzijds de groei van de bureaucratie als nieuwe heersende en bevoorrechte laag, die zich tracht af te zonderen tegen de controle van de arbeiders, en anderzijds de tegenstelling tussen het kleinburgerlijk karakter van de boeren en de communistische doeleinden der arbeiders. In een communistische maatschappij zou zulk een tegenstelling niet bestaan, en nauwelijks zelfs een scheiding tussen deze groepen. Maar in Rusland groeit eerst het eerste begin daarvan; de arbeiders en de boeren vormen als het ware twee klassen, en in de zware strijd om het bestaan groeit in hen als instinctief gevoel een klassenbelang op, dat verschillende richting uit wijst. Het landbouwbedrijf der boeren is een kleinburgerlijk bedrijf, omdat zij praktisch privaatbezitters van hun grond zijn. In hen groeit door hun productiewijze – ondanks de reusachtige communistische propaganda, die dit tempert maar niet opheft – het privaatbezittersinstinct naar persoonlijke verbetering en individuele welvaart op, vooral ook door de gehele wereldomgeving van kapitalisme, dat hier nog via de resten van de Russische bourgeoisie en de sluikhandel zijn invloed doet gelden. Dit moet weer inwerken op de politieke en juridische vormen. De politieke en juridische vormen moeten passen bij de productiewijze, omdat zij de productie en distributie der goederen zo regelen (en daardoor mogelijk maken), dat de arbeid tot bevrediging der behoeften dient. Communistische rechtsvormen passen niet bij een feitelijk privaatburgerlijke productie en blijven, al kunnen zij een grote propagandistische waarde hebben, feitelijk onwerkzaam, zo ging het met de verplichting voor de boeren, hun overschot af te leveren voor de steden; het getuigt van de enorme invloed van de partij, die haar communistisch gemeenschapsbewustzijn overal deed doordringen, dat nog zóveel vrijwillig werd afgeleverd; maar als geheel bleef de wet werkeloos, daar de meeste boeren niet meer verbouwden dan ze zelf verbruikten of in sluikhandel konden verkopen. En ook de politieke vorm hangt van de klassetoestand af. Zulk een boerenklasse is doorgaans niet in staat, zich zelf direct te regeren; daar de geest zich concentreert op het geïsoleerde kleinbedrijf, ontstaat de tendens, het regeren aan een afzonderlijke klasse, een bureaucratie over te laten, mits deze haar belangen verzorgt, of ten minste niet belemmert. Dat maakt het vraagstuk der bureaucratie zo moeilijk in Rusland, omdat een centraal bureaucratisch bewind bij het agrarisch karakter van het land past, dus het communistisch proletariaat de boerenmassa’s alleen besturen, dus in zijn richting sturen kan door middel van een bureaucratie, en het proletariaat te zwak in aantal is om deze bureaucratie weer zelf door zijn sovjets onder de duim te houden. Een sovjetcongres moet in meerderheid uit boerensovjets bestaan, dus de belangen van de boeren in de eerste plaats voorstaan.
Het vraagstuk der vakverenigingen in Rusland beweegt zich ook hoofdzakelijk om de vraag, op welke wijze het communistische proletariaat de regering in zijn richting kan sturen en controleren.
Het herstel van de vrije handel is een concessie aan de boeren; samen met de vervanging van de plicht tot graanlevering door een belasting in natura is het de aanpassing van de juridische vorm aan de feitelijke economische inhoud, de productiewijze. De voorstellig is wel gegeven, alsof dit maar een uiterlijke concessie, zonder wezenlijke inhoud is, daar de boeren voor hun ruil toch bij de staat terecht moeten komen; dus dat ze eigenlijk met een kluitje in het riet gestuurd worden. Wij geloven niet, dat dat de bedoeling is; al zal de staat wellicht zelf koper van graan en verkoper van waren zijn, toch zal veel aan waren van allerlei soort, dat verborgen gehouden wordt door speculanten, nu in de circulatie getrokken worden.
Het is weldegelijk een ernstige concessie, om de boeren door eigenbelang tot sterker productie te prikkelen, ernstig in die zin ook, dat de leiders van S. R. zich er van bewust zijn, dat zij gevaren meebrengt en een, zij het ook onvermijdelijke, stap achteruit is op de weg, die zij zouden wensen te gaan.
Dat de bourgeoisie juicht en de ondergang van het gevreesde bolsjewisme nabij acht, is niet minder begrijpelijk dan de bezorgdheid, waarmee tal van communisten vragen of daarmee niet de terugweg naar de burgerlijke orde wordt ingeslagen. Voor hen is het goed, Lenins rede op het laatste congres van de CP te lezen: daardoor eerst leert men het gezichtspunt kennen, de denkwijze, vanwaar uit deze maatregel te begrijpen en te beoordelen is. Lenin verbloemt niet, vergoelijkt niet, verontschuldigt niet, maar stelt zich eenvoudig op het standpunt van de realiteit, van de werkelijke verhoudingen. Hij spreekt niet over theorie maar alleen over praktijk – voor de marxist is de basis van alle handelen en besluiten de realiteit, het klare inzicht in de werkelijke verhoudingen. Hij zegt ronduit: de grote massa van het Russische volk is kleinburgerlijk; wij moeten daaraan tegemoetkomen; tegen hen kan niet geregeerd worden. De verhouding van proletariaat tot kleinburgerdom, waar dit de meerderheid vormt en de noodzakelijkheid om hier de proletarische dictatuur te handhaven – het enige systeem dat aan deze kleinburgerlijke producenten vrijheid en bestaan kan verzekeren – brengt hier de grootste en ingewikkeldste moeilijkheden. De vraag, of en hoe deze concessie met het communisme te verenigen is, kan bij dit gezichtspunt niet eens gesteld worden. Voor Lenin is er maar één groot doel, één groot belang, dat alles beheerst: de productie omhoog brengen, de levensmogelijkheid voor Rusland verzekeren. Daarvoor moet nu alles wijken. En daarlangs ligt de enige weg om tot het communisme te komen. Zulke discussies als op het laatste congres over de vakverenigingen konden toen belangrijk lijken, maar ze zijn een luxe, een krachtverspilling, nu elke spier, elke zenuw gespannen moet zijn in de strijd om het blijven leven zelf.
Het is duidelijk dat Lenin, die zo open en klaar, zonder enige zelfmisleiding, de kritische toestand ziet, zich geen illusies kan maken over de betekenis van deze concessie aan de boeren. Hij doet ze bewust, als een onvermijdelijke noodzaak, om ook alle kleinburgerlijke krachten in dienst van de productie te stellen. Zij kan gevaren meebrengen: de handelsovereenkomst met Engeland kan bij de boeren met de kans ook de wens doen ontstaan om door uitbreiding van de vrije handel tot het buitenland grotere winsten te maken, en zo de regering tot nieuwe concessies dwingen. Maar de leiders van Rusland weten ook, dat als niet in de eerste plaats de productie hersteld wordt, dit tot gehele machteloosheid en vernietiging moet leiden. Moge de ingeslagen weg gevaren met zich brengen, deze moeten getrotseerd en overwonnen worden. De strafste discipline en grootste inspanning van de CP eisen zij, om ze te kunnen overwinnen.
En zij weten ook, dat, mag tijdelijk een terugwijken nodig zijn, ten slotte de ontwikkeling in onze richting zal gaan. Want de oorzaak, waarom de concessies nodig zijn, is vooral de stilstand, het langzame tempo van de revolutie in West-Europa. Komen hier nieuwe uitbarstingen, die het kapitalisme in W.-Europa ernstig schokken, dan verliezen de tendensen, die de Russische boeren in burgerlijke richting drijven, hun kracht. En als deze crisis is overwonnen en de productie nieuw opgebouwd, dan is daarmee de baan voor de verdere ontwikkeling naar omvattende organisatie, hoge productiviteit, grootbedrijf, overvloed, en daarmee naar het communisme open.