Ravachol


Ravachols verboden toespraak



Geschreven: 1892
Vertaling: Uit het Engels (‘Ravachol’s Forbidden Speech’), mei 2004
HTML: Maarten Vanheuverswyn, voor het Marxists Internet Archive, mei 2004



Als ik spreek, is dat niet om mijzelf te verdedigen van de misdaden waarvan ik word beschuldigd, want enkel de maatschappij is verantwoordelijk, omdat die, door zijn structuur, de mens in een voortdurende strijd van de één tegen de ander plaatst. Bovendien, zien we vandaag de dag niet in alle klassen en alle posities mensen die verlangen, ik wil niet zeggen naar de dood, want dat klinkt niet goed, maar naar het mislukken van hun gelijken, als ze daar voordelen uit kunnen halen? Bijvoorbeeld, hoopt een baas niet dat een concurrent sterft? En hopen niet alle zakenmannen wederzijds dat zij de enigen zijn om de vruchten van hun eigendommen te plukken? Hoopt de werkloze niet, om werk te kunnen krijgen, dat om de één of andere reden iemand die wél werk heeft de laan uit wordt gestuurd? Welnu, in een maatschappij waarin zulke dingen gebeuren, is er geen reden om verbaasd te zijn over het soort daden waarvan ik beschuldigd ben, want die zijn niets dan de logische consequentie van de strijd voor het bestaan, die mensen verplicht om welke middelen dan ook te gebruiken als het gaat om voortleven. En is het niet zo dat, omdat het ieder voor zich is, iemand in nood zich verlaagt door te denken: “Nou, omdat het zo werkt, heb ik als ik honger heb, geen reden om te aarzelen over het gebruiken van de middelen die ik heb, zelfs als ik daarbij het risico van slachtoffers maken neem! Als bazen arbeiders ontslaan, geven ze er dan iets om of ze om zullen komen van de honger? Maken mensen met een overschot zich zorgen als er ook mensen zijn die niet eens in hun basisbehoeften kunnen voorzien?”

Sommige mensen proberen anderen te helpen, maar ze zijn niet in staat om alle mensen die iets te kort komen te helpen, mensen die óf voortijdig sterven door uiteenlopende soorten ontberingen, óf vrijwillig sterven door zelfmoorden in alle soorten en maten, om een eind te kunnen maken aan een beroerd leven en om niet rillingen van de honger te hebben, met talloos veel schande en vernederingen, zonder hoop het ooit te zien eindigen. Zo zijn er de families Hayem en Souhain, die hun kinderen vermoordden om ze niet langer te zien lijden, en alle vrouwen die, in de angst nooit een kind te kunnen voeden, niet aarzelen om het resultaat van hun liefde te vernietigen, door het te laten stikken bij de borstvoeding.

En al deze dingen gebeuren temidden van een overschot aan allerlei soorten producten. We zouden het kunnen begrijpen als dat soort dingen zouden gebeuren in een land waar producten schaars zijn, waar honger is. Maar in Frankrijk, waar overvloed heerst, waar slagerswinkels overvol met vlees zijn, bakkers met brood idem dito, waar kleren en schoenen opgestapeld in winkels liggen, waar leegstand is! Hoe kan iedereen accepteren dat alles maximaal benut is, in een samenleving waar het tegendeel zo makkelijk zichtbaar is? Er zijn veel mensen die het erg vinden voor de slachtoffers, maar wie zegt dat ze er niets aan kunnen doen? Laat iedereen zoveel mogelijk proberen rond te komen! Wat moet iemand die zijn werk niet goed doet, doen wanneer hij zijn baan kwijtraakt? Hij hoeft alleen maar zichzelf te laten sterven van de honger. Dan zullen ze een paar hypocriete woorden op zijn lijk werpen. Dit is wat ik aan anderen wou overlaten. Ik verkoos om van mijzelf een handelaar in smokkelwaar, een valsemunter, moordenaar en huurmoordenaar te maken. Ik had ook kunnen smeken, maar dat is vernederend en laf en zelfs afgestraft door jullie wetten, die van armoede een misdaad maken. Als alle mensen die iets tekort komen, in plaats van wachten, zouden nemen, waar dan ook en op wat voor manier dan ook, dan zouden de tevredenen misschien wat sneller begrijpen dat het gevaarlijk is om de bestaande sociale situatie in te zegenen, waar altijd zorgen zijn en waar op elk moment het leven wordt bedreigd.

We zullen snel begrijpen dat anarchisten gelijk hebben als ze zeggen dat, om morele en fysieke vrede te kunnen hebben, de oorzaken die leiden tot misdaad en criminaliteit vernietigd moeten worden. We zullen deze doelen niet bereiken door het onderdrukken van iemand die, in plaats van een langzame dood veroorzaakt door de ontberingen die hij tegen is gekomen en blijft tegenkomen, zonder hoop het ooit te zien eindigen, verkiest om met zijn laatste krachten op een gewelddadige manier dát te nemen wat zijn welzijn kan verzekeren, zelfs met het risico daarbij te sterven, wat alleen maar een einde zou maken aan zijn lijden.

Dus dat is waarom ik de misdaden waarvan ik beschuldigd ben heb begaan, misdaden die niets anders zijn dan het logische gevolg van de barbaarse situatie van een maatschappij die niets anders doet dan het maken van steeds meer miskleunen van wetten die de gevolgen van misdaad bestrijden, zonder ook maar naar de oorzaken om te kijken; men zegt dat je wreed moet zijn om je gelijken te kunnen doden, maar degenen die dit zeggen zien niet in dat je dit besluit te doen om aan hetzelfde lot te ontkomen.

Geachte leden van de jury, jullie zullen mij ongetwijfeld ter dood veroordelen, omdat jullie denken dat het noodzakelijk is en omdat jullie denken dat mijn dood een bron van voldoening zal zijn voor jullie die het haten om menselijk bloed te zien stromen; maar als jullie denken dat het nuttig is om het te laten stromen om de veiligheid van jullie bestaan te verzekeren, dan aarzelen jullie niet meer dan ik doe, maar wel met het verschil dat jullie het doen zonder enig risico, terwijl ik daarentegen met mijn eigen leven speelde.

Wel, heren, er zijn geen criminelen meer om te berechten, maar nog wel oorzaken van criminaliteit om te vernietigen! Bij het schrijven van de artikelen van het Wetboek van Strafrecht hebben de wetgevers vergeten dat ze niet de oorzaken, maar alleen de gevolgen aanvielen, waardoor ze op geen enkele manier misdaad vernietigden. In werkelijkheid blijven de oorzaken bestaan en komen de gevolgen daar logischerwijs uit voort. Er zullen altijd criminelen zijn, vernietig je er vandaag één, worden er morgen tien geboren.

Wat is dan de oplossing? Vernietig armoede, dit zaad van misdaad, waarmee je iedereen verzekert van tegemoetkoming aan behoeften. Hoe moeilijk is dit te realiseren! Alles wat nodig is, is het vestigen van de maatschappij op een nieuwe basis, waar alles gemeenschappelijk is en waar eenieder, producerend naar zijn mogelijkheden en kracht, kan consumeren naar zijn behoeften. Dan en alleen dan zullen we niet langer mensen als de kluizenaar van de Notre-Dame-de-Grace en anderen zien, smekend om een stukje metaal waar ze vervolgens het slachtoffer, de slaaf van worden. We zullen niet langer vrouwen zien die hun charmes aanbieden, als een algemeen te verhandelen goed, in ruil voor ditzelfde metaal dat ons er vaak van weerhoudt te herkennen of genegenheid oprecht is of niet. We zullen niet langer mannen zien als Pranzini, Prado, Berland, Anastay en anderen die moorden om dit metaal te verkrijgen. Dit laat zien dat de oorzaak van alle misdaad altijd hetzelfde is, en je moet wel stom zijn om dit niet in te zien.

Ja, ik herhaal het: het is de maatschappij die misdadigers voortbrengt en jullie, juryleden, in plaats van klappen uitdelen zouden jullie je intelligentie en kracht moeten gebruiken om de maatschappij te veranderen. Met één slag zal je alle misdaad beteugelen. En je werk, het aanvallen van oorzaken, zal grootser en productiever zijn dan je gerechtigheid, die zichzelf bagatelliseert door gevolgen te straffen.

Ik ben niets dan een onopgeleide arbeider; maar omdat ik het leven van de armen heb geleefd voel ik, meer nog dan een rijke burgerman dat zou voelen, de onrechtvaardigheid van jullie repressieve wetten. Wat geeft jullie het recht om een man te doden of opsluiten die, op aarde gezet met de behoefte te leven, zichzelf verplicht zag om te nemen wat hij tekort komt om zichzelf te kunnen voeden?

Ik heb gewerkt om te leven en om mijn familie te onderhouden, zo lang ik noch mijn familie te veel leed, ben ik wat je eerlijk noemt gebleven. Toen werd werk schaars, en met de werkloosheid kwam de honger. Alleen toen heeft de grote wet van de natuur, die dwingende stem die geen antwoord accepteert, het behoudsinstinct, mij gedwongen om een aantal van de misdaden en misdrijven te plegen waarvan ik beschuldigd ben en waarvan ik beken dat ik de schepper ben.

Veroordeel mij, heren van de jury, maar als jullie mij begrepen hebben, veroordeel dan, terwijl je mij veroordeelt, ook alle ongelukkigen die door armoede in combinatie met natuurlijke trots misdadigers gemaakt zijn, en die door rijkdom en gemak eerlijke mensen geworden zouden zijn.

Een intelligente maatschappij zou van hen allemaal doorsnee mensen gemaakt hebben!