MIA : Thema’s : De Internationale

 

De Internationale


De Internationale
(zelfstandig)
te beluisteren in een mooie a capella uitvoering van
De stem des Volks,
of ingebed:


Eugene Pottier

De oorspronkelijke tekst van het strijdlied De Internationale komt van de “Franse communard” Eugène Pottier. Na de nederlaag van de Parijse Commune, had hij het land moeten verlaten. In 1871 verbleef hij even in België en week hij uit naar de Verenigde Staten. 15 jaar later keerde hij, totaal ziek en verzwakt, naar Parijs terug. Hij stierf in Parijs in 1887. Intussen had men zijn “Chants Révolutionnaires” uitgegeven. Henri Rochefort, een gekend publicist, schreef in het voorwoord dat de gedichten ontstaan waren tijdens de heldhaftige “Commune van Parijs”, toen de laatste communards, aan de “Mur des Fédérés”, bij de “Cimetiére Père Lachaise”, afgeslacht werden. In de bundel zat “L’Internationale” met de vermelding “Au citoyen Lefrançais, membre de la Commune”.

De beroemde partituur !
Pierre de Geyter


Het lied zelf zou Eugène Pottier nooit horen. Pierre de Geyter zette de tekst op muziek in 1888, een jaar na de dood van Pottier dus. Tekstdichter en componist hebben elkaar nooit ontmoet. De Internationale werd voor het eerst uitgevoerd op 8 juli 1888, op het jaarfeest van het syndicaat der krantenverkopers, te Rijsel (Lille). De 2de Internationale proclameerde het als officieel strijdlied in 1892.

Bron: Wikipedia - Nederlands



Hieronder de Nederlandse bewerking van de Internationale door Henriette Roland Holst.

Henriette Roland-Holst als jong meisje

Ontwaakt, verworpenen der aarde!
Ontwaakt, verdoemde in hongers sfeer!
Reedlijk willen stroomt over de aarde
En die stroom rijst al meer en meer.
Sterft, gij oude vormen en gedachten!
Slaafgeboornen,ontwaakt,ontwaakt!
De wereld steunt op nieuwe krachten,
Begeerte heeft ons aangeraakt!



Afdruk van de eerste partituur refrein:
Makkers, ten laatste male,
Tot den strijd ons geschaard,
en D’Internationale
Zal morgen heersen op aard.


De staat verdrukt, de wet is logen,
De rijkaard leeft zelfzuchtig voort;
Tot ‘t merg en been wordt d’ arme uitgezogen
En zijn recht is een ijdel woord
Wij zijn het moe naar andrer wil te leven;
Broeders hoort hoe gelijkheid spreekt:
Geen recht, waar plicht is opgeheven,
Geen plicht, leert zij, waar recht ontbreekt.


De heerschers door duivelse listen
Bedwelmen ons met bloedigen damp.
Broeders, strijdt niet meer voor andrer twisten,
Breekt de rijen! Hier is uw kamp!
Gij die ons tot helden wilt maken,
O, barbaren, denkt wat ge doet;
Wij hebben waap'nen hen te raken,
Die dorstig schijnen naar ons bloed.