Leon Trotski

Voorwoord bij P.J. Schmidt’s artikel over Holland



Geschreven: 12 augustus 1935
Bron: Writings of Leon Trotsky 1935-36, blz. 74-76, Pathfinder Press, N.Y. 1977 (overgenomen via Marxisme.net)
Vertaling: Peter den Haan, Rotterdam, 12 augustus 2006
Deze versie: spelling
HTML: Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive, januari 2008


Zie ook:
Centrist Alchemy or Marxism?
van Leon Trotski.

Dit artikel werd door Trotski op 12 augustus 1935 geschreven tijdens zijn achttien maanden durende ballingschap in Noorwegen en voor het eerst gepubliceerd in het Bulletin van de ICL (International Communist League) op 1 september 1935 onder de titel: Over de verhouding van de RSAP van Nederland tot de ICL en het Amsterdamse Bureau. Na het aan de macht komen van Hitler in 1933 waren Trotski en het Internationale Secretariaat begonnen de krachten van de Internationale Linkse Oppositie te organiseren in de ICL. Voorafgaand aan het liquidatiecongres van de Komintern in augustus van 1935 schreef Trotski in de lente van 1935 al een ‘Open Brief’ aan alle revolutionaire arbeiders en organisaties in de wereld, waarin hij de noodzaak van een nieuwe, Vierde, Internationale bepleitte. Deze werd ondertekend door de OSL en RSP in Nederland, de Duitse SAP en de Amerikaanse Workers Party en werd bekend als de “Verklaring van Vier”.
Daarnaast werd door Trotski binnen de ICL een nieuwe tactiek voorgesteld, bekend geworden onder de “Franse Wending”. Het doel was een eenheidsfront aan te gaan met linkse afsplitsingen van de traditionele arbeiderspartijen en centristische groeperingen. Deze wending werd met wisselend succes toegepast in Frankrijk in de SFIO, maar ook in België, de VS en ook Nederland, waar de RSP in 1935 fuseerde met de OSP tot RSAP. Een rechtervleugel, onder leiding van Jacq. de Kadt splitste af.
Het Amsterdamse Bureau, later het ‘London Bureau’ genoemd, of de Twee-en-een-halve- Internationale, opgericht in 1935, was een losse verzameling van centristische partijen die noch bij de Tweede, noch bij de Derde Internationale (Komintern) waren aangesloten, maar zich ook niet bij de Vierde wilden aansluiten. De belangrijkste aangesloten partijen waren de Duitse SAP, de Britse ILP en later, de Spaanse POUM.

12 augustus 1935,

Het artikel van kameraad Schmidt [Voorzitter van de OSP en de RSAP en medegrondlegger van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens], voorzitter van de Nederlandse partij, is van het grootste belang. De oude OSP was nauw verbonden aan de SAP. De hoofden van deze twee organisaties hebben vaak gelijkluidende kritiek op ons gehad. Beide organisaties hebben ooit, samen met ons, de ‘Verklaring van Vier’ ondertekend. Maar daarna is hun ontwikkeling de tegenovergestelde richting op gegaan.

De OSP brak definitief met de filistijnen en de lafaards van de kliek van De Kadt na de schokkende gebeurtenissen rond de Jordaanoproer[1]. Zij verenigde zich met onze Nederlandse sectie om samen te vechten voor de Vierde Internationale. De [Duitse] SAP trok haar handtekening in en nam een vijandige houding aan tegen Links, met name tegen het werk voor de Vierde Internationale. Hierover zijn in het artikel over Centristische Alchemie of Marxisme[2] al de essentiële punten gemaakt. Het artikel sluit met de conclusie dat het werk voor de Vierde Internationale uitgevoerd moet worden zonder de SAP en tegen de SAP. Verwonderlijk genoeg is deze voorspelling, die een waardeoordeel over de SAP inhoud, door laatstgenoemde aangegrepen als aanleiding om ons nu tegen te werken. Het absurde van dit ‘argument’ wordt nog eens duidelijk door kameraad Schmidt uit de doeken gedaan.

De feiten en documenten die door kameraad Adolphe[3] in een kort verslag zijn aangedragen laten overduidelijk zien dat de ICL de laatste 2 jaar het grootste geduld en goede wil heeft betracht naar de SAP, oftewel de grootste toegeeflijkheid ten aanzien van haar centristische zwakheden, om mogelijkheden van toekomstige samenwerking niet te blokkeren. In de loop van de afgelopen 2 jaar heeft Bauer bijvoorbeeld mij regelmatig per brief verzocht eindelijk te breken met de centristische en oncorrigeerbare filistijnen van de SAP. Ondanks ons geduld en werkelijk veels te grote toegeeflijkheid tegen de neigingen van centrisme, zijn we door diverse individuen er regelmatig van beschuldigd niet flexibel genoeg te zijn naar de SAP. En vaak hebben we ook dat soort kritiek over kameraden in de OSP gehoord.

En daarom is het artikel van Schmidt van grote verduidelijkende waarde. Het toont aan dat zelfs met de beste bedoelingen tot samenwerking, zelfs met revolutionaire principes, er samen toch niets valt te beginnen met de SAP, of in ieder geval, haar huidige leiding.

De SAP, zoals welbekend is, houdt alle kritiek op haar bondgenoten ter rechterzijde voor zich. Het voorziet haar linkerflank van een verdediging. Maar op het moment dat de RSAP een beslissende stap in de richting van de Vierde Internationale neemt, lanceert de SAP niet alleen een smerige aanval op de leiding van deze organisatie, maar begint ze ook ‘fractiewerk’ te verrichten binnen haar “zusterpartij” om haar los te breken van de Vierde Internationale. Ook hier zien we een bevestiging van onze analyse: de SAP vecht alleen maar tegen Links; met Rechts kent ze alleen een beleid van aanpassing. En daarom heeft ze een document geproduceerd dat ontegenzeggelijk haar centristisch conservatieve, naar rechts gerichte blik, aantoont.

Het belangrijkste deel van dit, in alle gevallen belangwekkende, artikel van kameraad Schmidt gaat over het karakter van de activiteiten – of, beter gezegd, juist het volledig ontbreken van activiteiten - van de IAG. Kameraad Schmidt is geen “kwaadwillige trotskist” en fel tegenstander van deze organisatie; integendeel, hij is een van de oprichters en op dit moment nog steeds de Algemeen Secretaris ervan. Maar hij toont aan dat de “Arbeidsgemeenschap” geen gemeenschap is en dus geen arbeid voortbrengt. Dat hebben we voorzien en voorspeld. De arbeidersklasse kan niet geholpen worden met verzinsels. Integendeel, verzinsels moeten juist weggevaagd worden om de weg vrij te maken naar een echte Internationale.

Het is zonde, de krachten die we hebben verspild in het belang van discussies met de SAP, zou een bemiddelaar verzuchten. Wij kijken daar anders tegenaan. De strijd tegen de SAP, beter gezegd, tegen haar vage karakter en vulgair pacifisme, tegen de dubbelzinnige formuleringen en activiteiten, is een belangrijke voorbereidende leergang voor alle tendensen en organisaties die zich in de richting van de Vierde Internationale bewegen. Wij zijn er van overtuigd dat de RSAP alleen maar duidelijkheid, cohesie en strijdbaarheid kan opdoen in haar gevecht met de SAP. Bovendien zal dit gevecht ook voordeel opleveren aan die elementen in de SAP, die in staat zijn zich te ontwikkelen. En wat ons betreft, de vijandige en vaak beschuldigende geschriften van de SAP tegen ons, zullen ons helemaal niet tegenhouden van het voeren van een gemeenschappelijke strijd voor de Vierde Internationale, samen met de revolutionaire vleugel van deze partij, als deze echt een politieke macht wordt.

Kameraad Schmidt laat zich in het artikel ook kritisch uit over de relatie met de ICL. Zijn kritiek betreft, zoals hij het zelf stelt, tactische en organisatorische kwesties en geen principiële zaken. Wij willen op deze plek niet ingaan op, naar onze mening, zijn terloops gemaakte misvattingen. Grosso modo beschouwen wij onze organisatie alleen als een basis onderdeel van de Vierde Internationale, die nog in opbouw verkeert. En als we onze ideeën nogal fel verdedigen, toch zijn we ook bereid vlijtig te leren van onze bondgenoten. De hele geschiedenis van de arbeidersbeweging toont aan dat alleen zij kunnen leren, die zelf een zekere waarde hechten aan hun eigen ideeën.


[1] In juli 1934 brak er als gevolg van de constante armoede en verlaging van de bijstanduitkering een opstand uit in de Jordaan in Amsterdam. Na twee dagen van schermutselingen en enkele doden, werd uiteindelijk door het leger de rust hersteld. Jacq de Kadt, partijsecretaris van de OSP en redacteur van De Fakkel, het partijblad, nam openlijk stelling tegen de acties van de arbeiders en probeerde een veroordeling van de opstand door de partij uitgesproken te krijgen en de partij te laten capituleren voor de repressie. Hij gaf daarna zijn lidmaatschap op, sloot zich weer aan, maar werd op het partijcongres van september 1934 uitgesloten.
[2] Zie Writings of Leon Trotski 1933-34, PathfinderPr.-NY ’77. In MIA:
[3] Adolphe was de bijnaam van Trotski’s secretaris in Turkije en Frankrijk, Rudolf Klement. In 1938 werd hij, vlak na het oprichtingscongres van de Vierde Internationale, in Parijs door de GPOe ontvoerd en kort daarna vermoord.



IAG: (Internationale Arbeiders Gemeenschap) Amsterdamse bureau van de “Twee–en–een-halve” Internationale
ILO: International Left Opposition. Voortgekomen uit het Platform van 46, die zich vanaf 1923 verzetten tegen de centristische contrarevolutie binnen de Communistische Partij, de bureaucratische deformatie en de theorie van het socialisme in één land. In 1926-27 samen met het bloc van Zinovjev en Kamenev de “Verenigde Oppositie” geheten, maar na hun capitulatie in de herfst van 1927, omgedoopt in Linkse Oppositie, Bolsjewiki-Leninisten. Na de verbanning van Trotski uit de Sovjet-Unie in 1929 werd de ILO opgezet als uitgesloten fractie van de bij de Komintern aangesloten partijen.
OSP: Onafhankelijke Socialistische Partij
RSP: Revolutionair Socialistische Partij (Ned. Sectie van de ILO, later ICL)
RSAP: Revolutionair Socialistische Arbeiders Partij (Ned. Sectie van de Vierde Internationale)