Verenigd Secretariaat van de 4e Internationale

Statuten van de 4e Internationale

Aangenomen door het congres

Bron: De Internationale, 1975, nr. 3-4, 1ste kwartaal [?], jg. 3
Deze versie: spelling
Transcriptie/HTML en contact: Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive
Creative Commons License 3.0.
Algemeen: u mag het werk kopiëren, verspreiden en doorgeven; remixen en/of afgeleide werken maken; mits naamsvermelding.
| Hoe te citeren?

Qr-MIA


Hoofdstuk 1

Naam – doel – programma

1) De Vierde Internationale (Wereldpartij van de Socialistische Revolutie) bestaat uit alle militanten die haar beginselen en haar programma aanvaarden en toepassen. Georganiseerd in nationale afdelingen, zijn zij verenigd in één enkele wereldorganisatie, beheerst door de regels en de praktijk van het democratisch centralisme.

2) Haar doel is, door de vorming en door de organisatie van de activiteit van het proletariaat en van de andere door het imperialisme uitgebuite klassen in alle landen, het kapitalisme met zijn onderdrukking, zijn ellende, zijn onzekerheid en zijn bloedvergieten, af te schaffen. Zij wil de vestiging van een Internationale Socialistische Republiek van Arbeiders- en Boerenraden, beheerst door de proletarische democratie. Zo’n arbeidersheerschappij zal de opbouw van het socialisme, eerste etappe op weg naar de toekomstige klasseloze maatschappij, met een definitieve vrede, materiële overvloed, sociale gelijkheid, menselijke broederschap en een onbeperkte vooruitgang in een wetenschappelijk geplande wereldeconomie, mogelijk maken.

3) De Vierde Internationale wil in haar programma de voorgaande sociale ervaringen van de mensheid verwerken, door de continuïteit van de ideologische erfenis van de revolutionair-marxistische beweging te handhaven. Zij biedt aan de voorhoede van de internationale arbeidersklasse de onontbeerlijke lessen aan die getrokken moeten worden uit de Oktoberrevolutie van 1917 in Rusland, uit de latere strijd tegen de stalinistische degeneratie, en uit de nieuwe revolutionaire ontwikkelingen die volgden op de Tweede Wereldoorlog. De Vierde Internationale baseert zich meer in het bijzonder op de programmatische documenten van de eerste vier congressen van de Derde Internationale, van de Internationale Linkse Oppositie, van de Beweging voor de Vierde Internationale, op het Overgangsprogramma aangenomen op haar oprichtingscongres in 1938: De doodsstrijd van het kapitalisme en de taken van de Vierde Internationale en op de belangrijkste documenten van de trotskistische wereldbeweging sindsdien.

4) De nationale afdelingen vormen de organisatorische basiseenheden van de Vierde Internationale. Het doel van elke nationale afdeling is een revolutionair-marxistische massapartij te ontwikkelen die in staat is de strijd van de klasse in het land naar een socialistische overwinning te leiden. Om daar in te slagen is de belangrijkste taak van een nationale afdeling een leiding op te bouwen die in overeenstemming is met de historische noodzaak en in staat is een massa-invloed te veroveren. Dit is het middel waardoor de Vierde Internationale haar grote bevrijdende doel wil bereiken gezien het feit dat een internationale organisatie een nationale leiding niet kan vervangen of zich ervoor in de plaats kan stellen om een revolutie te leiden. De gezonde ontwikkeling van haar nationale afdelingen is dan ook van fundamenteel belang voor de Internationale als geheel.

Hoofdstuk 2

Het wereldcongres

5) De hoogste instantie van de Vierde Internationale wordt gevormd door het Wereldcongres. Als afsluiting van een democratisch proces van discussie en van verkiezing van afgevaardigden in de nationale afdelingen, bepaalt het de politieke lijn van de Internationale als geheel, op alle programmatische kwesties. In de zaken met betrekking tot de nationale afdelingen dient het als hoogste instantie van beroep en beslissing.

6) Het wereldcongres moet tenminste elke drie jaar bijeenkomen op convocatie door het Internationaal Uitvoerend Comité. De convocatie moet tenminste zes maanden van tevoren plaats vinden, waarbij het interval tussen de convocatie en het houden van het congres de voorafgaande discussieperiode vormt. Een Wereldcongres kan te allen tijde buitengewoon worden bijeengeroepen door het Internationaal Uitvoerend Comité of op verzoek van een derde van de nationale afdelingen.

7) Bij het vaststellen van de vertegenwoordiging van de nationale afdelingen op het Wereldcongres wordt rekening gehouden met de numerieke kracht van de afdelingen. Het Internationaal Uitvoerend Comité stelt telkens als het een congres bijeenroept een formule vast, waarbij ze praktische moeilijkheden als de omvang van het geheel evenals de noodzaak een democratische vertegenwoordiging te garanderen aan zowel de kleine afdelingen als aan degene die tegenover bijzondere problemen als de repressie staan, in beschouwing neemt. Het Internationaal Uitvoerend Comité kan aanbevelen dat afgevaardigden van minderheidtendensen in de nationale afdelingen, die anders niet zouden zijn vertegenwoordigd op een Wereldcongres, toegelaten worden met adviserende stem. Het kan ook groepen die niet verbonden zijn met de Vierde Internationale uitnodigen waarnemers naar een Wereldcongres te sturen. Maar in beide gevallen moeten de afgevaardigden naar het Wereldcongres beslissen of ze deze aanbevelingen of deze uitnodigingen goedkeuren. Het Internationaal Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor het praktische werk om voor een passende vergaderplaats voor het Wereldcongres evenals het onderbrengen van de afgevaardigden, het aantrekken van vertalers, van secretarissen etc. te verzorgen.

8) De nationale afvaardigingen brengen onmiddellijk na het Wereldcongres verslag uit voor plenaire vergaderingen van hun nationale uitvoerende comité of voor hun congres, om een brede verwerking, snelle en effectieve publicatie en uitvoering van de beslissingen van het Wereldcongres te verzekeren. In het geval van verschillen tussen een afdeling en het Wereldcongres moet de afdeling, wat ook de standpunten van haar afvaardiging geweest zijn, of hoe ernstig de meningsverschillen ook zijn, de besluiten van het Wereldcongres uitvoeren. Ze behoudt het recht beroep aan te tekenen tegen deze beslissingen bij het volgende gewone of speciaal bijeengeroepen congres.

Hoofdstuk 3

Het Internationaal Uitvoerend Comité

9) Het Wereldcongres kiest een Internationaal Uitvoerend Comité dat in de periode tussen de Wereldcongressen de hoogste instantie van de Internationale is. Het is belast met het toepassen van de beslissingen van het Wereldcongres en is verantwoording verschuldigd aan het congres. Het heeft disciplinaire bevoegdheden over zijn eigen leden.

10) Het Internationaal Uitvoerend Comité (IUC) zal bestaan uit 31 leden en 7 plaatsvervangers, die bij name gekozen worden voor de hele periode tot aan het volgende Wereldcongres. Een nationale afdeling kan voorstellen een lid dat haar vertegenwoordigt te vervangen, maar dit moet worden geratificeerd door een meerderheid van het Internationaal Uitvoerend Comité. Op de plenaire zittingen vervangen de plaatsvervangers, met beslissende stem, de afwezige leden in volgorde van hun verkiezing. Elk plaatsvervangend lid kan aan de zittingen van het Internationaal Uitvoerend Comité deelnemen met adviserende stem.

11) De zittingen van het IUC worden tenminste elke drie maanden geconvoceerd door het Verenigd Secretariaat. Het IUC kan te allen tijde buitengewoon worden bijeengeroepen door het Verenigd Secretariaat, hetzij door zijn eigen meerderheidsbeslissing, hetzij verplicht op verzoek van een derde van de leden van het IUC.

12) Het Internationaal Uitvoerend Comité heeft als taak de wereldgebeurtenissen te volgen, de op het Wereldcongres vastgestelde politieke lijn toe te passen en alle documenten die ze nodig acht te publiceren. Het volgt het politieke en organisatorische leven van de nationale afdelingen en helpt hen bij het concreet toepassen van de beslissingen van het Wereldcongres door hen van informatie te voorzien en nuttige suggesties te doen. De beslissingen van het IUC met betrekking tot de praktische toepassing van de politieke lijn vastgesteld op het Wereldcongres zijn bindend voor alle afdelingen. Zij kunnen tegen deze beslissingen in beroep gaan bij het Wereldcongres, maar moeten in de tussentijd ze uitvoeren.

13) Alleen het Wereldcongres heeft de macht een afdeling te erkennen, uit te sluiten of van zijn controle erop af te zien. In een land waar geen officiële afdeling bestaat, heeft het IUC het recht onderhandelingen te openen met een groep die zich ontwikkelt naar het aanvaarden van het programma van de Vierde Internationale en samenwerkingsbetrekkingen met haar aan te gaan voordat ze als afdeling wordt erkend. In een land waar een nationale afdeling wordt gekenmerkt door inactiviteit, het niet voldoen van haar verplichtingen tegenover de Internationale, een duidelijk onvermogen de politieke mogelijkheden te gebruiken of het hoofd te bieden aan gevaren of door een flagrant ondisciplinair gedrag ten opzichte van de politieke of organisatorische beslissingen van het Wereldcongres of van het programma van de Internationale, moet het IUC een dossier samenstellen en aanbevelingen doen, die aan het volgende Wereldcongres ter onderzoek en ter beslissing moeten worden voorgelegd.

14) Het IUC werkt samen met de nationale afdelingen om hen te helpen het theoretische, politieke en organisatorische niveau van hun interne leven omhoog te brengen. Maar zo’n interventie, die wordt gerealiseerd door middel van rondreizen en bezoeken van leden van de internationale leiding, wordt bepaald door de middelen van de Vierde Internationale in mensen en financiën. Deze bepaling werkt evenzeer in het geval waarin zich verschillen hebben ontwikkeld tussen een nationale afdeling en het IUC. Maar de Internationale heeft het recht een vertegenwoordiger te sturen om haar standpunten te verdedigen. Deze vertegenwoordigers zijn verantwoording verschuldigd aan het Verenigd Secretariaat en het IUC De nationale leiding moet het uiterste doen om nauw samen te werken door aan de vertegenwoordigers van het IUC raadgevende stem te geven in alle leidende organen, door hen toe te staan vrij met de leden te discussiëren en moties in te dienen als ze dat wensen.

15) Wanneer veronderstelde schendingen van het democratisch centralisme in de nationale afdelingen onder de aandacht van het IUC worden gebracht, ongeacht of het gaat om schendingen die een leiding betreffen die ervan wordt beschuldigd een minderheid van haar democratische rechten te beroven of om een minderheid die ervan wordt beschuldigd de discipline van de afdeling onverantwoordelijk te schenden, kan het IUC zijn morele invloed aanwenden om te helpen de toestand recht te zetten als er bewijs bestaat dat er werkelijk fouten of misbruik hebben plaats gevonden. Eerder dan eigenlijke disciplinaire maatregelen te nemen in het geval van verschillen met een nationale leiding, moet het IUC proberen te overtuigen en aanwijzingen te geven. In geen enkel geval heeft het de macht de meerderheid van een regelmatig gekozen leiding van een nationale afdeling te veranderen.

16) Het IUC kan commissies, ondersecretariaten, technische bureaus of andere aanvullende organen organiseren die het nodig acht. Het verdient aanbeveling rekening te houden met het gevaar een dubbele leiding te scheppen en de praktijk van het democratisch centralisme te vernietigen wanneer men de mogelijkheid onderzoekt commissies of ondersecretariaten te vormen in delen van de wereld, naast het internationale centrum.

17) Het IUC kan commissies instellen met als doel de activiteiten die verscheidene afdelingen aangaan te coördineren (bijvoorbeeld jongerecommissies, vakbondscommissie, vrouwencommissie), of met een ingewikkelde taak zoals het doordringen in een land waar nog geen afdeling bestaat. De taken van deze afdelingen zullen telkens door het IUC worden vastgesteld in samenwerking met de betrokken afdelingen, maar zullen in het algemeen beperkt zijn tot informatie, documentatie, onderzoek, coördinatie en het in stand houden van verbindingen.

Hoofdstuk 4

Het verenigd secretariaat

18) Het dagelijkse politieke, organisatorische en administratieve werk, evenals de regelmatige verbindingen met de afdelingen wordt verzorgd door het Verenigd Secretariaat. Het Secretariaat wordt gekozen door het Internationaal Uitvoerend Comité dat de bevoegdheid heeft het aantal leden, de samenstelling en de standplaats van het Verenigd Secretariaat te bepalen.

19) In de periodes tussen de zittingen van het IUC handelt het VS in zijn naam en met zijn bevoegdheden, behalve dat het geen ondersecretariaten of commissies kan organiseren. Zijn beslissingen zijn bindend voor de afdelingen. Er kan beroep worden aangetekend bij het IUC, maar ze worden in de tussentijd uitgevoerd.

20) De leden van het IUC die geen lid zijn van het VS kunnen de zittingen van het VS met adviserende stem bijwonen.

21) Het IUC kan leden van het VS bij meerderheidsstemming vervangen.

22) Het VS komt tenminste eens per maand bijeen.

23) De resoluties en de uittreksels uit de notulen van het VS worden snel aan alle leden van het IUC gestuurd.

24) Het VS organiseert het administratief en technisch apparaat dat noodzakelijks is voor zijn werk. Te dien einde moeten de afdelingen helpen, zoveel als in hun mogelijkheden ligt, vooral door het ter beschikking stellen van kameraden.

Hoofdstuk 5

Publicaties

25) Het Verenigd Secretariaat publiceert als officieel orgaan van het Internationaal Uitvoerend Comité een theoretisch tijdschrift. Het tijdschrift moet de belangrijkste programmatische documenten en de resoluties van de Wereldcongressen, van de plenums van het IUC en van het VS publiceren. De nationale afdelingen hebben als plicht dit materiaal te vertalen, te publiceren en in hun eigen land te verspreiden.

26) Het VS moet eveneens regelmatig een Internationaal Bulletin publiceren in het Engels, Frans of Spaans, en indien mogelijk in al deze drie talen. In de discussieperiodes voorafgaand aan de Wereldcongressen, moet het Bulletin met de maximale frequentie verschijnen die materieel mogelijk is, om alle voorbereidende documenten en de belangrijkste discussieartikelen te publiceren en om tenminste het uiteenzetten van elk verschillend politiek standpunt mogelijk te maken.

Hoofdstuk 6

Kas – Contributies

27) Het Verenigd Secretariaat wijst één van zijn leden als penningmeester aan. De penningmeester moet het VS een driemaandelijks verslag doen van de financiële activiteit. De penningmeester kan geld beschikbaar stellen voor de gewone uitgaven, maar moet tevoren de goedkeuring van het VS krijgen voor alles wat niet gewoon is. Op een geschikt tijdstip moet het IUC een speciale commissie benoemen die de boeken van de penningmeester moet controleren voordat deze zijn balans aan het Wereldcongres voorlegt.

28) De activiteiten van de leidende organen van de Vierde Internationale worden gefinancierd door de contributies die betaald worden door de nationale afdelingen in overeenstemming met het aantal leden. De contributies dienen ook om de publicaties te subsidiëren die slechts ten dele door hun verkoop en hun abonnementen bestaan. In principe moeten de internationale contributies worden vastgesteld op een zesde van de regelmatige nationale contributies. Ze moeten worden aangevuld met vrijwillige bijdragen. De contributies en de vrijwillige bijdragen vormen de enige inkomstenbronnen voor de Internationale; de nationale afdelingen moeten dus een fundamenteel belang hechten aan deze verplichtingen. Een afdeling die meer dan drie maanden achter raakt met haar internationale contributies wordt gewaarschuwd dat ze niet meer “in orde” dreigt te zijn. De afdelingen die hun contributies niet betaald hebben voor zes maanden of meer, behalve in geval van force majeure, zijn niet meer “in orde”. Een afdeling die niet “in orde” is verliest automatisch haar rechten om deel te nemen aan een Wereldcongres.

Hoofdstuk 7

Structuren – lidmaatschap nationale afdelingen

29) Het interne regime van de Internationale wordt op plaatselijke, nationale en wereldschaal bepaald door de principes en de praktijk van het democratisch centralisme. Dit houdt in: de maximaal mogelijke democratie in de interne discussie om de politieke lijn uit te werken en de krachtigste discipline bij het toepassen van deze lijn nadat ze is vastgesteld. Dat betekent de volgende gang van zaken:
a) De verkiezing van alle leidende organen door de basis of door afgevaardigden gekozen door de basis in vergaderingen, conferenties en congressen voorzien door de statuten; verslagen van deze organen moeten periodiek aan hun opdrachtgevers gegeven worden.
b) De leden van de nationale uitvoerende comités van de nationale afdelingen hebben adviserende stem als broederlijke afgevaardigden op de nationale congressen tenzij ze normaal als afgevaardigden zijn gekozen. Om de controle door de basis te behouden moeten de leden van de nationale uitvoerende comités als regel aanhouden zich niet kandidaat te stellen als gewone afgevaardigden naar de nationale congressen, tenzij dat in bepaalde gevallen onmogelijk wordt gemaakt door de financiële zwakte van de afdeling.
c) De stemming over documenten en politieke standpunten vindt plaats bij handopsteken of bij hoofdelijke stemming. De stemming over de samenstelling of de orde van de leidende organen heeft plaats bij geheime stemming.
d) Bindende mandaten zijn verboden; met andere woorden, wat ook het standpunt van een gekozen orgaan is, de afgevaardigden ervan moeten vrij zijn te stemmen volgens hun geweten en hun overtuiging, zoals die zich gevormd hebben in de discussie op een congres of een conferentie.
e) Geen enkel lid van een leidend orgaan heeft het recht te dreigen af te treden of een andere vorm van organisatorisch ultimatum te gebruiken om een beslissing te proberen te beïnvloeden. Een leider kan zijn ontslag voorstellen maar het gekozen orgaan kan het aanvaarden of weigeren.
f) De beslissingen van de hogere organen zijn strikt bindend voor de lagere organen. De beslissingen moeten loyaal en direct worden uitgevoerd. In geval van beroep is geen enkel uitstel bij het uitvoeren van de aanwijzingen gerechtvaardigd.
g) De beslissingen worden bij meerderheid van stemming genomen. De minderheden zijn verplicht de meerderheidsbeslissingen toe te passen. Maar de minderheden hebben het onbetwistbaar recht zich tot tendensen en fracties te vormen op basis van een vastgelegd platform en democratische rechten te genieten zoals:
- hun standpunten aan de leden van de nationale afdelingen voorleggen gedurende de voorbereidende discussieperiode voor nationale congressen;
- hun standpunten aan de leden van de Internationale voor te leggen door middel van het Intern Bulletin gedurende de discussieperiode voorafgaand aan het Congres;
- vertegenwoordigd te worden in de leidende organen met inachtneming van hun numerieke en politieke belang. Dat betekent niet dat elke minderheid, hoe klein ook, recht heeft op vertegenwoordiging in een leidend orgaan, noch dat er evenredige vertegenwoordiging van minderheden is. De Vierde Internationale neemt besluiten met meerderheid van stemmen en dat houdt het recht in van de meerderheid zich te verzekeren van een werkbare meerderheid als er levendige meningsverschillen bestaan. Maar het is eveneens de plicht van de meerderheid de rechten van de minderheid te waarborgen en dit betekent dat een minderheid niet gestraft kan worden omdat ze een minderheidsstandpunt inneemt.
h) De leden die zich disciplinair moeten verantwoorden hebben het recht van tevoren kennis te nemen van de tegen hen uitgebrachte beschuldigingen, hun verdediging te voeren en, behalve in geval van geografische onmogelijkheid om geconfronteerd te worden met hun aanklagers.
i) Alle leden hebben recht op een volledige, eerlijke en onpartijdige informatie over de problemen en de activiteit van de Internationale, in het bijzonder over de kwesties die besproken worden tussen de leidingen van de Internationale en de nationale afdelingen.
j) Een vrije en volledige internationale discussie in de discussieperiodes voorafgaand aan de Wereldcongressen of de congressen van de nationale afdelingen en telkens als historische gebeurtenissen van buitengewoon belang speciale discussie eisen. Een nationale afdeling kan niet afzien van deze regel tenzij ze werkt onder verhoudingen van ernstige repressie (fascisme, sterke militaire dictatuur, heksenjacht).
k) Geen enkele vrijgestelde zal een hoger loon ontvangen dan dat van een geschoold arbeider.

30) In elk land kan er maar één afdeling van de Vierde Internationale zijn.
Maar het proces van opbouw van een stabiele afdeling is vol moeilijkheden. De ervaring heeft aangetoond dat kleine tendensen en rivale groepen zich soms zullen verzetten in de praktijk tegen fusie. Anderzijds kan er geen duidelijke basis bestaan om een groep boven een andere te verkiezen. In zulke situaties zijn soms andere tests noodzakelijk om vast te stellen of een groep in staat is aan de internationale verplichtingen van een afdeling te voldoen en belooft zich te ontwikkelen tot een doelmatige revolutionair-marxistische leiding op nationaal vlak. Om aan tijdelijke eisen gedurende een overgangsperiode van op de proef stellen te voldoen kan een Wereldcongres besluiten een formatie als “sympathiserende groep” te erkennen. Daar waar meer dan één “sympathiserende groep” in een land bestaat zal een van de tests van het vermogen de taken en plichten van een afdeling te vervullen de houding zijn die in de praktijk wordt aangenomen bij de oplossing van het probleem van fusering van de krachten. De “sympathiserende groepen” moeten beschouwd worden als kandidaten voor de status van nationale afdeling. Op aanbeveling van het IUC kunnen ze raadgevende stem, maar geen stemrecht op een Wereldcongres krijgen. Daar waar een afdeling bestaat zal de Internationale in geen enkel geval een rivaliserende formatie als “sympathiserende groep” erkennen, behalve met toestemming van die afdeling.

31) De nationale afdelingen zijn bevoegd in hun eigen land op te treden. Zij passen de algemene politieke standpunten van de Vierde Internationale toe die ze mede hebben uitgewerkt door middel van het proces van het democratisch centralisme. Ze stellen hun eigen statuten vast in overeenstemming met de regels en praktijk van het democratisch centralisme en komen via dezelfde procedure tot hun eigen nationale politieke standpunten. Het programma en de statuten van de nationale afdelingen moeten in het algemeen overeenstemmen met het programma en de statuten van de Vierde Internationale. De nationale afdelingen oefenen disciplinaire bevoegdheden uit over hun eigen leden, tot en met de straf van uitsluiting. Tegen alle disciplinaire maatregelen kan echter beroep worden aangetekend bij de hoogste instanties van de Internationale.

32) Om de best mogelijke internationale coördinatie zeker te stellen moeten de nationale afdelingen onderlinge betrekkingen van bijzonder belang via het Verenigd Secretariaat laten lopen. In geval van dringende noodzaak kunnen zulke betrekkingen direct tot stand gebracht worden op voorwaarde dat het VS snel in details op de hoogte wordt gesteld. De nationale afdelingen worden aangemoedigd om elkaar kameraadschappelijk te helpen en de kameraadschappelijke banden te versterken door bezoeken en andere vormen van samenwerking. Bij dat alles moeten ze, rekening houdend met het gevaar van het voortbrengen van centrifugale tendenties, bewust in hun kameraadschappelijke werk de versterking van het internationale centrum en zijn gezag bevorderen.

33) Iedere persoon die in woord en daad het programma, de statuten en de beslissingen van de Internationale aanvaardt en een actief en gedisciplineerd en ordelijk lid van een nationale afdeling is, is lid van de Internationale. Het minimum criterium om “in orde” te zijn is het betalen van contributie. Dit geldt voor werklozen even goed als voor degenen die werk hebben in landen waar een abnormaal laag loonniveau bestaat. In deze gevallen kunnen de contributies niet uit meer dan een nominale som bestaan, maar ze moeten voor de goede orde betaald worden. De afdelingen moeten rigoureus onderscheiden tussen de leden (een categorie die wordt vastgesteld op een gecombineerde basis van betaling van contributie en van gedisciplineerde activiteiten) en de sympathisanten die om de één of andere reden niet aan deze minimale eisen kunnen voldoen. De nieuwe leden moeten normaal een stageperiode doormaken. Niemand kan tegelijkertijd lid zijn van twee afdelingen.

34) Het aantal afgevaardigden waar een nationale afdeling recht op heeft op een Wereldcongres wordt door het IUC vastgesteld op basis van de betaling van de contributie aan de Internationale. Dus als een nationale afdeling duizend leden in haar boeken heeft staan maar internationaal aan het centrum maar voor 400 afdraagt, zal haar ledental worden vastgesteld op 400 waarbij de 600 andere slechts als sympathisanten zullen worden geteld.

35) De leden die tot vakbonden of andere massaorganisaties behoren, in het bijzonder zij die officiële posten bekleden moeten zich ten allen tijde onder strikte politieke controle van de door de nationale afdeling benoemde organen stellen.

36) De leden van nationale afdelingen die gekozen zijn in burgerlijke parlementaire organen moeten te allen tijde onder de strikte politieke controle van de nationale leidende organen werken.

37) Geen enkel lid van de Internationale heeft het recht belangrijke reizen buiten zijn land te ondernemen of blijvend van woonplaats te veranderen van het ene land naar het andere zonder toestemming te hebben gekregen van zijn nationale leiding die op haar beurt de dwingende plicht heeft er het VS van op de hoogte te stellen. Kameraden die zo reizen zullen door het VS geholpen worden om kameraadschappelijk door de afdeling van het bezochte land opgevangen te worden. Afgezien van speciale beslissing van het VS, moet een lid van een afdeling dat meer dan zes maanden in een ander land woont waar een afdeling bestaat vragen naar deze afdeling overgeplaatst te worden. De betrokken afdeling moet, alvorens de overplaatsing van de kameraad te aanvaarden via het VS een verslag vragen om zeker te zijn dat hij het vorige land met het volledige medeweten en toestemming van de afdeling heeft verlaten. Geen enkele afdeling kan de verplaatsing van een lid van de Internationale weigeren waarvan de vorige afdeling het regelmatig karakter van zijn vertrek garandeert.

38) De afdelingen moeten regelmatig het internationale centrum over hun activiteiten informeren. Zij moeten het verslagen van de zittingen van hun leidende organen sturen en alle aanvullende informatie om een nauwkeurig beeld van de toestand te geven. Ze moeten het een voldoende aantal exemplaren van hun documenten, interne bulletins, kranten, tijdschriften en andere publicaties sturen. Ze moeten op tijd het VS op de hoogte brengen van het houden van congressen, conferenties en bijeenkomsten van centrale comités. Elke afdeling benoemt een kameraad uit de leiding om de correspondentie met de Internationale te verzorgen en op te letten dat er regelmatig artikelen naar de pers van de Internationale worden gezonden.

39) Zonder ooit de voordelen van het legale bestaan te laten schieten voordat dat absoluut onvermijdelijk is, moeten de nationale afdelingen in situaties waarin ze door repressie bedreigd worden, van tevoren de voorbereidende maatregelen treffen die noodzakelijk zijn voor een reorganisatie op het moment van overgang naar de illegaliteit.

Hoofdstuk 8

De Internationale Controle Commissie

40) Het Wereldcongres verkiest een Internationale Controle Commissie van drie leden, die elk tot een verschillende afdeling behoren en elk in de Internationale een reputatie genieten van objectiviteit en politieke rijpheid. Hun functie is onherroepbaar tot aan het volgende Wereldcongres, behalve in het geval dat een plaats leeg komt, in welk buitengewoon geval het IUC een plaatsvervanger verkiest. De ICC kiest één van haar leden als secretaris, die haar bijeenroept als het nodig is.

41) De taak van de ICC is gevallen van ondiscipline en inbreuk op de proletarische moraal in de Internationale te onderzoeken. Zij doet dit onderzoek hetzij op verzoek van het IUC hetzij op eigen initiatief. Wanneer ze als onderzoeksorgaan optreedt, heeft ze het recht het ter beschikking stellen van documenten en het afleggen van getuigenissen van alle kameraden zonder uitzondering te eisen. Ze heeft het recht vast te stellen welke vorm het onderzoek zal aannemen, hetzij middels onderzoek ter plaatse, hetzij middels briefwisseling, hetzij door het aanwijzen van kameraden die worden belast met het in haar naam afnemen van getuigenissen.

42) De Internationale Controle Commissie legt haar verslag voor aan het IUC en doet aanbevelingen over de te nemen maatregelen. Ze is verantwoording verschuldigd aan het Wereldcongres dat volgt op het congres dat haar gekozen heeft.

Hoofdstuk 9

Disciplinaire maatregelen

43) Fundamentele verschillen met het programma van de Internationale in een openbare activiteit, de schending van de nationale en internationale statuten, activiteiten in strijd met de proletarische moraal, of activiteiten die de organisatie of haar leden in gevaar brengen, kunnen door nationale of internationale organen bestraft worden. De beschuldigingen moeten van te voren aan de beschuldigden bekend zijn; zij hebben het recht zich te verdedigen en, behalve in geval van geografische onmogelijkheid, om geconfronteerd te worden met hun aanklagers, in het orgaan dat rechtens bevoegd is.

44) Zulke sancties worden onmiddellijk ten uitvoer gelegd. De gestraften hebben echter het recht in beroep te gaan bij de bevoegde instantie onmiddellijk boven degene die de sancties heeft opgelegd, door de hele structuur vanaf de plaatselijke organisatie tot aan het Wereldcongres. Als het VS bericht heeft ontvangen van een beroep tegen een beslissing van een nationale afdeling, geeft het kennis van de ontvangst van het beroep en specificeert eveneens de te volgen procedure voor het beroep bij de hoogste instanties van de Internationale. Het IUC is bevoegd te beslissen of het de argumenten van de personen zal aanhoren of zich zal beperken tot het materiaal dat wordt gevormd door de documenten bij het onderzoek van het beroep. Het kan de op een Wereldcongres te volgen procedure aanbevelen maar de uiteindelijke beslissing ligt aan het Wereldcongres zelf. In de gevallen met betrekking op de proletarische moraal kan de Internationale Controle Commissie op ieder moment in de procedure tussenbeide komen als ze de zaak van voldoende belang acht.

Hoofdstuk 10

45) Een tweederde meerderheid van de afgevaardigden op een wereldcongres is vereist om de statuten te wijzigen.